Lied 43: Vreedzaam leven / Against quarreling and fighting

Tekst: Isaäc Watts
Melodie en zetting: John T. Doggett
Vertaling: Karlo Reiziger

1. Een hond die blaft en bijt en gromt,
God schiep hem naar zijn aard.
Een beer of leeuw die vecht en bromt.
daar zijn zij om vermaard.

2. Maar kinderen, zorg dat je waakt
voor boosheid en venijn;
daar werd je hand niet voor gemaakt.
Doe anderen geen pijn.

3. Laat liefde toch je handel zijn;
wees mild in wat je zegt.
Leef als Maria’s Zoon: nog klein,
al vriend’lijk en oprecht.

4. Zijn ziel was als een teder lam;
gedroeg Zich steeds naar wens
en in genaad’ en wijsheid nam
Hij toe bij God en mens.

5. Als Heer’ Die in de hemel troont,
regeert Hij Zelf Zijn werk:
Hij ziet welk kind hier vreedzaam woont;
en zet op hen Zijn merk.

1. Let dogs delight to bark and bite,
for God has made them so.
Let bears and lions growl and fight,
for ‘t is their nature, too.

2. But, children, you should never let
such angry passions rise:
your little hands were never made
to tear each others’ eyes.

3. Let love through all your actions run,
and all your words be mild.
Live like the blessed virgins’ Son,
that sweet and lovely Child.

4. His soul was gentle as a lamb;
and as His stature grew,
He grew in favour both with man
and God, His Father, too.

5. Now, Lord of all, He reigns above;
and from His heavenly throne
He sees what children dwell in love,
and marks them for His Own.


Terug naar het liederenoverzicht