Lied 57: Niets van ons

Tekst: Hieronymus van Alphen
Melodie: Bartholomaüs Crasselius
Zetting: Alan Gray/Martijn den Haan

1. Als wij de doodsvallei betren,
laat ons de beste vriend alleen.
Maar Jezus draagt ons in Zijn schoot
tot aan en over graf en dood.

2. De tijd komt stil, maar zeker aan
dat ik mijn grafplaats in zal gaan.
Bereid u voor die stond, mijn geest,
opdat u dan niet ijdel vreest.

3. Maar ach, hoe houd ik mij gereed?
k Heb halssieraad noch statiekleed!
Hoe ga ik Jezus tegemoet
en val Hem waardiglijk te voet?

4. In Zijne mantel ingehuld
heb ik een deksel voor mijn schuld.
En t kleed van Zijne heiligheid
is mij tot sieraad toebereid.

5. Ach, niets van ons, maar t al van Hem!
Zo komt men in Jeruzalem.
Zo treedt men needrig, onbevreesd,
Gods tempel in, bij t eeuwig feest.


Terug naar het liederenoverzicht