Lied 105: Gij lijdt mijn pijn

Tekst: H.F. Kohlbrugge
Melodie: Heinrich Isaac
Zetting: Rien Donkersloot

1. Ik ben het; ik had moeten
in eeuwge vlammen boeten,
wat hier Uw dood betaalt.
Die felle geselslagen,
wat G uit wild staan en dragen,
was billijk, Heer, op mij verhaald.

2. De lasten die mij drukken,
daar wild U onder bukken,
Gij lijdt mijn helse pijn.
Gij zijt een vloek; daartegen
schenkt Gij mij niets dan zegen;
Uw lijden moet mijn laafdronk zijn.

3. Ik, ik en mijne zonden,
waarin k de dood gevonden,
die hechten hier U vast.
De doodsteek laat G U geven
om mij een eeuwig leven
te scheppen, vrij van elke last.


Terug naar het liederenoverzicht